Maandelijks archief: april 2009

Ceci n’est pas ne schoen

Op de aandeelhoudersvergadering van die grote bank met die grote problemen, u weet ongetwijfeld waarover ik het heb, was er een schermutseling waartijdens de aanwezigen met – onder andere – schoenen gooiden naar de mensen in de beklaagdenbank. Dan stel ik me meteen voor hoe die aanwezigen (de shoethrowers dus), bij het binnenkomen allemaal een plastieken zakske van den Delhaize meehadden met daarin een paar oude schoenen die ze vergeten inruilen hadden tijdens de laatste actie van den Brantano, en ja, ze stonden nu toch in de weg, might as well be prepared en die dingen in een zakske meepakken naar de aandeelhoudersvergadering, je weet nooit of er wat te gooien valt.

Want ik vind het een rare gedachte dat iemand zijn schoenen zou uittrekken tijdens een vergadering, om ze dan te gooien naar een persoon waarmee hij niet akkoord gaat. Wat gebeurt er daarna dan? Gaat die dan schoorvoetend naar voor, zo van “Ehm, excuseert, mor zoukik mijne schoen kunnen terugkrijgen? Ja, dieje, die daarjust nét uwe kop gemist heeft” Of liepen er na de vergadering allemaal van die aandeelhouders in pak maar op witte kousevoeten over de parking?

Ah, to be a fly on the wall of the aandeelhoudersvergadering.


35

Vandaag. Tijd voor een midlife crisiske of zo, denk ik. Of zou het daar nog te vroeg voor zijn? Wanneer mag je van een midlife crisis spreken? Wie weet wanneer het midden van zijn leven is? Questions, questions.


It takes time

Het is misschien nog wat te vroeg om victoire te kraaien, maar ik merk enige fysieke verbetering. Het stappen ging vandaag iets vlotter, het voelde minder ‘Quasimodo’-achtig aan, maar meer – sorry voor de zoveelste vergelijking, maar er is niemand anders – ‘House emdie’-achtig. Typen gaat ook iets vlotter met al mijn vingers tegelijk, hoewel ik nog wel regelmatig de backspace-toets nodig heb. Maar ik kan weer met een gewone pc werken, whereas ik in het begin een laptop nodig had omdat ik alleen kon muizen met een mousepad. Een gewone muis kon ik niet bedienen omdat ik nog geen gevoel had in mijn rechterhand, en aldus de muisknoppen niet vond. Dan zat ik zo maar wat in het wilde weg te duwen in de hoop per toeval de juiste knop te raken, wat meer niét lukte dan wel. Tot mijn grote frustratie, jawel.

Dubbelklikken lukte niet vanwege de redelijk hevige spasticiteit in mijn rechterhand: àls ik de juiste knop dan al raakte dan ging het van klik……….klik, wat de pc dan ervoer als twee aparte klikken ipv één dubbelklik. Ik weet wel dat je de klikgevoeligheid kan aanpassen maar de laptop stond toch altijd ter beschikking, dus was de keuze snel gemaakt. Het touchpad is wat groter dan een muisknopke dus was er meer kans dat ik op de juiste plaatse tapte (klikken komt uit mijn vijsvinger, tappen uit mijn elleboog, en daar heb ik geen last van spasticiteit). Nu is de spasticiteit in mijn hand al veel verminderd, wat betekent dat ik mijn hand en vingers vlotter kan bewegen, dus vlotter typen en muizen. Dubbelklikken gaat nu zo: klik….klik. Nog niet zoals vroeger, toen ik nog sneller dan het licht kon typen en klikklikklikken, maar het gaat. En hoera! Ik heb weer gevoel in mijn vingers.

Dat stappen beter gaat is natuurlijk ook een gi-gan-tis-che opluchting, ik hoop dat het geen tijdelijk fenomeen is. Want met een beschadigd ruggenmerg weet je maar nooit, de ene dag gaat alles goed en de volgende kan het weer slechter gaan zonder dat daar op het eerste zicht een reden voor is. Mààr ik heb een paar dagen geleden gesproken met iemand die zelfs zeven jaar nadat hij een verlamming heeft gehad nog steeds verbetert. Er is dus hoop, al hoop ik dat ik geen zeven jaar moet wachten.

Nu het weder beter wordt besef ik ook hoe hard ik het zou missen om buiten te zijn en ergens op een terraske te kunnen gaan zitten en naar de mensen te kijken. Of gewoon onder de mensen te zijn, en een klapke te doen. Hele dagen immobiel zijn, het zou niets voor mij zijn. Maar ja, soms kan je helaas niet zelf kiezen.


Konings/Koninginnegalerij

Hier loop ik elke dag door:

galerij

En elke dag kijk ik naar deze winkel, de winkel met het mooiste lichtornament (luster klinkt zo… gewoontjes) ooit:

luster


Immoweb

Sommige mensen zouden de decoratie van hun stulp beter aan professionele huisdokters overlaten. Tenzij er natuurlijk een hidden message in zit, dat kan ook. In that case: good one, dude!

omo


BBQ

 

De vogeltjes floten, het zonneke scheen (eerst aarzelend maar dan voortecht), en we hebben onze eerste barbecue van het jaar gehouden. Mijn eerste barbecue ever eigenlijk, of toch bij ons thuis. De elektrische barbecuecontraptie stond al zeker twee jaar op zolder stof te vergaren, maar nu hebben we het toestel dus ingewijd. Het werkt verbazend goed, zo een ding, en zonder de hassle van kolen of kokosbriquetten. Maar dus ook zonder het plezier van vuurke-stook, iets waar vooral mannen de fun van inzien. Maar zo een elektro-bbq dus, het is een gemak: vijf minuten opwarmen en het vlezeke kan er al op.

David en Magda hadden het dessert mee, oh joy: Australian Home Made Ice Cream in een potje! Eindelijk kan ik in de supermarkt een pot van die lekkernij halen en thuis in de vriezer stoppen! Eindelijk zal ik de ijswinkels in Brussel en in Gent kunnen weerstaan, eindelijk zal ik niet meer moeten klagen dat één bol te weinig is en twee te veel, maar dat ik wel moét twee bollen nemen want ik wil twee smaken proberen (eentje is zo saai). Eindelijk zal ik het plezier kunnen spreiden over meerdere dagen en niet alles in één sitting moeten opeten! (who am I kidding, we hadden twee potten ijs en ze waren allebei leeg in een half uur tijd)

Ik heb ook mijn eerste coucheke zonneschijn gekregen: ben een héél klein beetje verbrand. Het weze een waarschuwing; vorig jaar ben ik namelijk nauwelijks buiten geweest om van het weer te genieten en ik zou van deze keer wel eens héél hard verbrand kunnen raken.

’s Avonds was onze pauw terug van de partij: hij zat weer op de garage. Wat later was hij alweer elders aan het leooooën. Als ik het geluid van die beesten hoor word ik altijd mentaal geteletijdporteerd naar de minst leuke periode van mijn leven: mijn eerste vijf weken in het UZ. In de tuinen rond de K12 zaten er twee pauwen, en die leoooooden er lustig op los. Af en toe ving ik er ook een glimp van op, in die dertig minuten per dag wanneer ik door drie verplegers in mijn rolstoel getild werd en door mijn ma naar het venster op de gang gerold werd. Dat was dan het halve uurtje per dag dat ik kon genieten van de zomer: van op het vierde, achter glas. Als ik dat beest nu hoor heb ik zin om een jachtgeweer te gaan kopen en hem met harde hand van mijn erf te jagen. Wordt dat eigenlijk gegeten, pauwen? Een andere mogelijkheid is ook dat ik probeer de negatieve associatie met die dieren te vergeten. Het zal optie nummer twee worden vermoed ik. Vroeger op de foor kon ik nog geen kaarske raken in het schietkot, wat zou ik nu een bewegend doel kunnen neerschieten. En zelfs mocht ik het kunnen, ik zou het niet kunnen.

Ons Mona was ook zeer gelukkig want hoera! Een hele dag lang aandacht krijgen en buiten lopen en spelen met water en ballen en andere rotzooi, da’s haar lang leven. Lopen, springen, in haar zwembadje gaan liggen om af te koelen, terug naar mij lopen en haar natte poten op mijn vers gewassen broek zetten, leuk toch. Het zal mij leren, met een hond als Mona moet je maar geen propere kleren aantrekken om in de tuin te spelen.

Kijk, dit is Mona die van het zonneke geniet:

zonnestraaltje

En de rest van de dierentuin:

alaise


Lichtpunt

Tijdens het zappen ben ik voorbij een interessante documentaire gekomen: er zijn blijkbaar meer dan 6000 talen in de wereld, tegen het eind van de eeuw nog maar de helft. Het duurt één generatie voor een taal om uit te sterven (logisch, ma en pa willen hun kind geen minderheidstaal meer aanleren omdat dat te weinig kansen geeft in de wereld, hence de taal sterft uit), en er zijn nog 50 à 60 talen die nog door één persoon gesproken worden! 

In Nairobi spreken ze Sheng, een straattaal die daar zowat overal gebruikt wordt, maar ze verandert razendsnel. Gevolg: een dorpje verder spreken ze een ànder Sheng. Probeer zo maar te communiceren. In Vlaanderen heeft het er ook wel wat van weg: alleen kan iedereen hier wel met de rest praten als hij wat moeite doet. Maar het blijft problematisch als een Oostvlaming, een Westvlaming en een Limburger samen moeten werken. Ik ben ooit verloren gereden in Meeuwen-Gruitrode (wààreh? in Ellikom, Limburg) en toen ik het eindelijk moest opgeven zelf de weg te zoeken (ne vent he) en mijn ruitje afdraaide om de weg te vragen, stond ik oog in oog met een ouder dametje die ik in het AN aansprak. Ze antwoordde me in het Ellikoms, denk ik, en ik verstond er niets van. Na drie keer ‘wablief?’ heb ik haar vriendelijk bedankt, mijn ruitje weer omhoog gerold en he mijn zoektocht verder gezet. Om maar te zeggen dat Vlaams ook niet altijd Vlaams is.

Mijn eggenote vertelt me dat ze in Rusland op de trein kan stappen, zes dagen en zes nachten later afstappen, en dat ze dan gewoon in haar eigen taal de mensen kan aanspreken. Het is een gemak.