Maandelijks archief: mei 2009

Beter bij de bank van hier

We hebben ons geld in een bank gestoken. Iedereen zei dat het een slecht idee was, met die vervloekte crisis en zo, maar ik ben ferm content:

De bank

En daar hoort natuurlijk het volgende grapje bij: ‘scha-hat, ik ga naar de bank he!’.

Advertenties

Negers en gandikapten en zo

Bij ‘Who the fuck is Lies Lefever?’ schrijven ze bij Bone Bookings dat Lies zichzelf een neger noemt. Omdat ze dat ook is, zo stellen ze. Mijn eerste reactie was iets in de trant van ‘ei jong zo grof maat’, maar dan dacht ik: van waar komt dat woord ‘neger’ eigenlijk, en waarom heeft het zo een negatieve bijklank? Is het wel nodig dat ik offended ben en dat grof vind? Het komt van het Latijn, en het betekent in de originele vorm ‘zwart’, maar dat weet iedereen wel. De negatieve bijklank komt uit de slaventijd, toen je maar beter zo wit mogelijk was. Maar mijn punt gaat verder dan dat. Want is niet elke beschrijving van een persoon, gebaseerd op een of ander uiterlijk kenmerk, op één of andere manier kwetsend? Het ís misschien op dat moment niet kwetsend bedoeld, maar het komt zo over omdat het ooit ergens wel eens kwetsend bedoeld geweest is? En is neger een woord dat alleen gebruikt mag worden door mensen met een donkere huidskleur? Wordt het pas beledigend als een witte het woord in zijn mond neemt?

Het is zoals mij ‘gehandicapten’ noemen. In eerste instantie voelt het aan als denigrerend (kijkt! hier zit hetzelfde Latijnse woord in verborgen), maar dan moet ik the facts facen en beseffen dat het gewoon is wie ik tegenwoordig ben. En dus is het geen belediging, tenzij het zo bedoeld zou worden. Waar ik het woord ‘gehandicapte’ vroeger moeilijk door mijn strot kreeg omdat ik het ook aanvoelde als iets negatiefs, heb ik het hier nu veel makkelijker mee, omdat ik de lichamelijke toestand losgekoppeld heb van de persoon, terwijl ik dat vroeger misschien anders zag.

Toen ik nog resident was in het revalidatiecentrum heb ik eens een mevrouw omschreven als ‘die daar, die in die rolstoel zit’. De omschrijving klopte wel, maar verloor wel een beetje aan slagkracht omdat we op dat moment in de refter zaten, waar iedereen (mezelf incluis) in een rolstoel zat. Even de context schetsen: mijne maat Sebastian was een verhaal aan het vertellen over said mevrouw, en ik was aandachtig aan het luisteren, toen mijn vrouwtje vroeg over wie het ging. Ik wou dus tegelijkertijd luisteren en antwoorden, maar aangezien venten maar één ding per keer kunnen doen was mijn antwoord niet zo efficiënt en to the point als we van mij gewoon zijn.

Blijft mijn ethisch vraagstuk: is iemand ‘neger’ noemen beledigend, ook al bedoel je het louter als aanduidend woord? Zoals ‘die met zijn witte broek’. Als die met zijn witte broek een Afrikaan is, en er lopen meerdere mensen met witte broeken aan, kan je dan de huidskleur gebruiken om het onderscheid te maken? En hoe moet je dat dan doen? ‘Die bruine meneer’ klinkt zo lullig. ‘Die neger’ misschien te hard. ‘Die Afrikaan’ klopt misschien niet en ‘die African American’ al helemaal niet, tenzij je in de Joesteedes Nights zit op dat moment.

Ik heb een soortgelijk probleem met ‘gehandicapte’, ‘mindervalide’ of ‘invalide’. Het eerste woord klinkt negatief, het tweede klinkt ook niet heel goed omdat ‘valid’ ‘waard(ig)’ betekent, en ‘invalide’ is al helemaal des duivels omdat het Engelse ‘invalid’ gewoon ‘verkeerd’ betekent en ik de link daarmee leg. Als ik ergens ‘password invalid’ zie denk ik aan de Nederlandse vertaling ‘paswoord gehandicapt’ en it just doesn’t feel right, does it now. Alweer een hele hoop vragen waar ik in mijn warhoofd niet gewoon ‘nee’ of ‘ja’ kan op antwoorden. Neen, ik moet dat allemaal oversjieken en uren en uren over nadenken. Wat ben ik toch vermoeiend. Bedtijd!


Gehalte

“Gehalte”. Verkozen tot meest gehate woord (wegens meest misbruikte) van het moment. Zoals in “uw eten heeft geen wow-gehalte”, en “het party-gehalte moet hier verbeteren”.

“Ik heb zoiets van”. Meest gehate uitdrukking sinds lang. Zoals in ‘Ik had zoiets van “dat eten had geen wow-gehalte”.’


Verzekering

Verzekering tegen medische missers in steigers

BRUSSEL –  De verzekering tegen medische missers is een stapje dichterbij gekomen. De federale ministerraad keurde een nieuw wetsontwerp goed, naar Frans model.

Als het nieuwe wetsontwerp op de medische missers ooit realiteit wordt, zullen meer mensen een schadevergoeding krijgen bij medische missers dan nu, maar minder dan volgens de vorige – nooit uitgevoerde – wet.

Lap, nu zijn ze er daar mee. Ik ben ongeveer nét een jaar geleden geopereerd en zat/zit in het geval zoals beschreven in dit krantenartikel, maar voor mij zal het wel van kinnekeklop zijn vermoed ik. Afijn, het wetsontwerp is nog niet goedgekeurd, maar toch zou het voor mij ook aangenaam geweest zijn om een schadevergoeding te kunnen claimen. Ik heb acht maanden geen deftig inkomen gehad, terwijl de facturen wel blijven binnenlopen.

Tegenwoordig moet je zwart op wit kunnen bewijzen dat een dokter een fout heeft gemaakt, wil je ook maar een waterkansje hebben om aanspraak te kunnen maken op een vergoeding. Het spreekt voor zich dat bijna niemand dat kan. Zelfs in de zeldzame gevallen waar een dokter toegeeft een fout gemaakt te hebben kan de patiënt het nog vergeten want de verzekeringen keren niet graag uit, en dwingen de dokter om zich koest te houden. Eén van mijn mede-revalidanten zat in dat geval. “Het zal u gene frang kosten”, had de dokter gezegd. Aan het eind van de rit stond de teller op 90.000 euro, dus wat die franken betreft had hij wel gelijk. En de verzekeringsmaatschappij? Die zei “laat madam maar eens bewijzen dat er een fout gemaakt is door de dokter”. Ergens zit er toch wel een loophole in die wet, niet? De wet lijkt wel gemaakt door de verzekeringsmaatschappijen. Of door de politici die hun zwembad door hun hebben laten betalen. Speaking of which: hoera, ’t is weer verkiezingstijd! Het aanbod is slim pickings, de politici proberen minder en minder te verbergen dat they’re in it for the money, de blauwe zijn blauwer dan ooit, de rooie bakken er ook niet veel van, de groene, … tsjah, en de oranje die zijn aan het wegzinken, zo lijkt het. Op wie moet ik nu stemmen?


Puur fondant

Het is een verrijking, samenleven met iemand uit een andere cultuur. Na vier jaar begrijpt ze nog steeds niet waarom men (officieel) drie talen spreekt in een land waar je in drie uur kan doorrijden, en dat er in datzelfde kleine landje nog dorpen zijn die niet of nauwelijks bediend worden door het openbaar vervoer. Het is hier niet slecht maar het wordt zeer hard verprutst door de eigen bewoners, die soms wel heel erg op parasieten lijken, en dat op meer dan één gebied.

Maar deze ochtend was een slappe lach-moment: vrouwtje had in de winkel een heel rek met potten choco overhoop gegooid omdat ze geen ‘fondant’ wou hebben maar wel ‘puur’. De etiketten op die potten hebben ook allemaal dezelfde kleur, wat het nog moeilijker maakt. Thuis aangekomen werd het al helemaal vreemd: bleek dat ze tóch fondant had meegebracht! Een simpele 180° bracht de verklaring: aan de ene kant staat het etiket in het Nederlands, en aan de andere kant in het Frans. Welkom in België!


Telenet

“Wanneer moet die factuur van Telenet betaald worden?”
“Welke factuur?”
“Awel, de factuur van deze maand”
“Ah, ehm, drie dagen geleden”

Lap, weeral zeven euro herinneringskosten aan ons been. Maar dat valt mee: ik heb de indruk dat ze hun gangsterpraktijken een beetje ingedijkt hebben en niet meer zomaar 7 euro aanrekenen aan wie een factuur vergeet te betalen. Er was geen kwaad opzet in het spel, we dachten niet dat we er onderuit konden geraken, we hadden gewoon de vervaldatum over het hoofd gezien. De oplossing ligt natuurlijk voor de hand en wordt door ongeveer elk megabedrijf opgedrongen: een domiciliëring! M.a.w. geef ons toegang tot uw bankrekening en u krijgt een minikorting. Wel, ik hou niet van domiciliëringen. Ik vertrouw grote megabedrijven voor geen haar, ze maken veel te veel fouten, en als ze eens per ongeluk te veel geld van je rekening zouden halen moet je weken wachten voor ze het terugstorten en verlies je nog ikweetniethoeveel tijd omdat je ze moet bellen en bellen en bellen en hun elfendertig keer uitleggen wat je probleem precies is, waarna ze het toch verkeerd begrijpen.

Maar Telenet dus: de vorige factuur hadden we weliswaar drie dagen te laat vereffend, maar ze was wel degelijk betaald. En toch krijgen we deze maand een factuur voor het dubbele bedrag. Zucht.

Dus ik bel naar de facturatiedienst om mijn grieven te ventileren, en ik krijg een vrouwenstem te horen: druk 1 voor NL, 2 voor FR. Druk 1 voor vragen over, druk 2 voor iets anders, druk 3 voor bla, bla, en uw factuur. 3. Geef nu uw klantennummer in en druk # om af te sluiten. Oei, ik ken mijn klantennr niet en heb de factuur niet mee. # dan maar, ik zal dan wel een operator aan de lijn krijgen. Opnieuw de metalen vrouwenstem die me, iets dreigender nu, gebiedt mijn klantennummer in te toetsen. “Uw klantennummer zegiku! Of hoordenigoe?” Dus ik druk nogmaals op #. Ik krijg opnieuw de vrouwenstem te horen: “Voor deze dienst hebben wij uw klantennummer echt wel nodig.” Tuut, tuut, tuut, klik. En dan heb je zo ongeveer het gevoel dat je binnen komt in een bedrijfsgebouw, de pijlen volgt naar waar je moet zijn, en dat je bij het openen van de laatste deur gewoon terug buiten staat, aan de achterkant van het gebouw.

Bij Telenet bent u echt wel een nummertje. Een klantnummer.


De zaak Alzheimer

Maak je geen zorgen, Michel, je bent niet de enige die al eens iets vergeet. Ik ga soms naar de winkel omdat ik één ding dringend nodig heb, en dan kan je er donder op zeggen dat ik met een kofferbak vol spullen terugkeer, behalve met dat ene ding dat ik zo hard moest hebben. Ik leg iets klaar dat ik zeker niet mag vergeten (digitale camera, die cd die ik nog moest teruggeven aan een collega, enz), die dingen leg ik dan in het zicht en in de weg, opdat ik ze zeker niet zou vergeten. Maar dan vertrek ik even later alsnog zònder het object in kwestie. Zelfs als ik iets op de grond leg en er moet overheen stappen durf ik het nog te vergeten. I choose to forget. Erg, erg.

Maar vorige zondag was het eens aan iemand anders. We waren op wandel in het park van Zottegem, en we kregen zin in een banana split. Dus een plekje gezocht op het terras, en wachten tot de serveuse de bestelling kwam opnemen. Helaas hadden ze zich daar blijkbaar niet verwacht aan de vele bezoekers die dag, en de service was nog bezig, dus konden we geen ijs krijgen. Beetje vreemd. We hadden geen zin om te blijven zitten en met tegenzin een cola te drinken, dus zijn we maar verder gereden naar de Bostmolen te Roborst – heel aangename omgeving naast een watermolen, maar het terras van de bar waar ze ijsjes verkopen was volzet, dus op naar het volgende terras. Daar was nog plaats, maar er was geen ijs te verkrijgen. Dus zijn we onverrichterzake teruggekeerd naar huis. Twee keer 20 minuten file vanwege de koers – aja, het weer was goed en dan haalt de Belg zijne koersvelo van stal. Thuis aangekomen, geparkeerd, Mona uit de koffer gehaald, Mona terug in de koffer gestopt, en teruggereden naar Roborst om de sjakosj van mijn vrouwtje op te halen. We wisten niet waar we ze hadden laten staan, maar we wisten wel wat er in zat: de camera, de sleutels van het huis én onze identiteitskaarten (de ideale combinatie), en ook een lading cash. We hadden een eventuele dief heel gelukkig kunnen maken. En dan begon het: o neen, onze abonnementen, rijbewijzen, o nee, dat geld, o néé, de huissleutels en onze pas samen, we gaan onze sloten moeten laten vervangen want een eventuele dief kan direkt langskomen om ons kot leeg te roven. Aargh, al dat gedoe alweer.

Maar gelukkig stond de tas in het café waar we een paar uur eerder weggegaan waren zonder iets te drinken. Neen, een vriendelijke blik hebben we daar niet gekregen. Hun eigen schuld, ze moesten maar ijskreims verkopen.