Maandelijks archief: oktober 2011

Smaakt naar kurk

Als Allison weer eens te veel praat steken wij er een kurk in.

Advertenties

Werken is ongezond

Bewegen is goed. Niet bewegen is slecht. Acht uur op een stoel zitten op kantoor is zeker slecht, en vooral als je ’s avonds niet meer kan gaan sporten. Ik heb nu een klein draagbaar computertje, een 13 inch Dell. Handig, want dat weegt echt wel een pak minder dan een 15 inch contraptie en het is ook zo klein dat het in mijn man’s bag kan (yes, indeed). Het nadeel is dat het scherm toch wel aan de heel kleine kant is, waardoor mijn ogen vermoeid geraken als ik er urenlang op werk. Gelukkig heb ik hier een desktop met een 17′ scherm om op te werken, dat scheelt. Die laptop heeft nog een nadeel: hij wordt na een tijdje zo warm waar de batterij zit dat ik er een ei zou kunnen op bakken. Nu worden die dingen allemaal wel warm, maar deze wordt heel heet onder het keyboard, waar ik mijn rechterpols laat rusten. Die hitte plus de ruggemergbeschadiging in mijn nek (nekmerg?) geven me een constant RSI-achtig gevoel in mijn handen, knap vervelend is dat. Ik zal eens moeten zoeken naar een extern keyboard.

Ik heb tijdens mijn twee weken vakantie ook ontdekt dat alle kwaaltjes, pijntjes en algemene vervelendheden waar ik mee kamp als sneeuw voor de zon verdwijnen als ik niet moet gaan werken. Ontspanning, rust en regelmaat, en ook veel afwisseling wat betreft houding: zitten, staan, in de zetel hangen, wandelen, het helpt allemaal, zo lang ik maar nergens mee overdrijf en heel regelmatig afwissel. Mijn nek kraakte ook beduidend minder toen ik rustig thuis zat. Door de dagdagelijkse stress van het werk en het van hot naar her lopen zijn mijn nekspieren vaak en te veel gespannen, waardoor er zich een druk opbouwt in mijn verbouwde nek. Die druk gaat dan weg door mijn nek eens goed te kraken, wat ik meestal niet met opzet doe, het gebeurt gewoon door te bewegen. In het begin vond ik dat vreselijk creepy, die krak wordt in mijn hoofd nog versterkt, wat het nog meer ‘ieuw’ maakt, maar nu ben ik eraan gewend geraakt. Ik vraag me wel af wat mensen waarmee ik in vergaderingen zit moeten denken als ze dat gekraak horen. ‘Getting rusty, old chap?’


Boeken

Vervelend zeg: ik heb niet genoeg uren in een dag en niet genoeg dagen in mijn leven om alle boeken te lezen die ik zou willen lezen. Ik heb meerdere dagen nodig om door een boek te geraken, en ik wil ook nog andere dingen doen dan dat. Ik lees zoveel mogelijk in mijn schamele vrije minuten, en ik wil altijd zo lang mogelijk genieten van een goed boek, maar tegelijkertijd wil ik dat het zo snel mogelijk uit is dat ik aan het volgende kan beginnen. Vroeger deed ik moeite om me toch door ‘minder interessante’ boeken te worstelen, tegenwoordig leg ik ze aan de kant voor als ik eens niets anders te lezen heb. Maar ik begin, met die digitale boeken en zo, wel meer en meer te vrezen dat dat moment nooit zal komen.

Ik wil nog een hele hoop schrijvers ontdekken, maar nog voor ik eraan kan beginnen heb ik alweer anderen ontdekt (David Baldacci momenteel), waardoor die die ik nog wou ontdekken alweer moeten wachten. En zo komt het dat hier boeken al zes of zeven jaar in de kast staan zonder aangeraakt te worden. Zonde.

Ondertussen liggen er hier nog honderden films en cd’s die ook bekeken en beluisterd moeten worden. Wanneer ga ik dat allemaal doen, als ik elke vrije minuut met mijn dochter wil doorbrengen? Er zal een en ander moeten wachten, vrees ik. Wanneer ga ik op pensioen? Nog maar 28 jaar werken en ik zal tijd hebben! In 2039 zal ik tijd hebben om te lezen! Hopelijk zijn er dan nog dvd spelers waarop ik mijn – tegen dan waarschijnlijk ongelooflijk verouderde wegens in 2D en niet in 4 of 5D (wie gebruikt er dan nog 3D, pfoeh) of in holografische vorm – dvd schijfjes zal kunnen afspelen. Misschien moet ik mijn oude dvdspeler die hier in de kast staat nog niet weggooien maar in een time capsule steken. Of beter: eerst eens op de death clock kijken of het wel de moeite is, ha!


Piet Piraat

Dolle pret, ten huize Flexaniums!


Kientse

Nog twee weken en ze wordt één!


Feedbooks

Sinds ik anderhalf jaar geleden een Android e-reader heb gekocht ben ik niet meer gestopt met boeken downloaden en lezen. Ik ga bijna dagelijks op http://www.feedbooks.com rondsnuffelen op zoek naar nieuw leesvoer. Sommige amateur schrijvers die ik daar leren kennen heb zijn echt zeer goed, en slagen er in om een pakkend verhaal te schrijven, waardoor ik verder zoek naar meer. Anderen schrijven goeie verhalen maar kunnen geen volzin foutloos op e-papier krijgen, waardoor ik na één, maximum twee boeken opgeef en de rest van hun werk met geen lange tang meer wil aanraken. Ik weet dat het interessante tijden zijn waarin iedereen een boek kan publiceren, maar hoe geestig het ook is, als je het verschil niet kent tussen your en you’re, of het verschil niet kent tussen een bijwoord, een bijvoeglijk naamwoord en een zelfstandig naamwoord, dan zou je beter op zoek gaan naar een editor, iemand die alles eens naleest voor jou, of misschien zelfs een ghostwriter. Zo heb ik onlangs een paar boeken gelezen van S.C. Stephens: ‘Thoughtless’ en ‘Effortless’. Twee lichte verhaaltjes over de belevenissen van een jong koppeltje. Om een of andere reden kon ik niet stoppen met lezen, ik wou weten wat er verder ging gebeuren. De definitie van een pakkend verhaal dus. Maar hier en daar stonden er tamelijk onvergeeflijke taalfouten in de boeken, en dat maakt de hele leeservaring… bleh. De boeken van Ivan B zijn nog erger: goeie verhalen die de boeken ‘onneerlegbaar’ maken, maar schrijffoùten! En stijlfouten! My dear god, die mens schrijft slechter Engels (wat vermoedelijk wel zijn moedertaal is) dan ik op mijn 12de. En dus ben ik ermee gestopt zijn boeken te lezen. Jammer.

Het laatste boek dat ik gedownload en gelezen heb is een soort van ‘self-help’ vehikel. ‘How to achieve massively in 2011′ heet het, en aangezien ik altijd open sta voor advies over hoe ik beter kan presteren heb ik het gelezen. Het betrof iets van een 20 pagina’s dus op een uur of zo had ik  het wel uitgelezen (vijf minuten hier, tien minuten daar, hoe gaat dat). De schrijver blijkt een 26jarige veteraan te zijn, die na een paar jaar oorlog tot een aantal ‘epiphanies’ gekomen was en er een boek over geschreven had. Het zoveelste ‘yes we can!’ boek, maar het is wel goed geschreven. Die kerel ziet heel goed dat er een lijn is tussen oprecht motiverend spreken/schrijven, en irritant en “over the top” Steve Ballmergedrag waarin vele van die zelfverklaarde motivational speakers zich verliezen, en hij weet aan de juiste kant van de lijn te blijven.

Het boekje heeft het vooral over ‘bewustwording’, een term die ik zelf meer en meer begin te gebruiken. De opleiding ITIL die ik geef gaat over bewustwording op professioneel gebied: wat is jouw job eigenlijk? Wat houdt het in? Waarom doe je wat je doet? Waar in de IT afdeling bevind je je ergens? En: waarom ben je ongelukkig in je job? Sinds ik zelf dat soort opleidingen beginnen volgen ben snap ik meer en meer wat er rondom me gebeurt – op professioneel vlak. Ik ben meer en meer dingen beginnen inzien, anders beginnen te denken en ook meer ‘out of the box’ beginnen denken.

De schrijver kaart het onderwerp ‘mindhacking’ aan, iets waar ik achteraf bekeken al een paar jaar mee bezig was zonder het benoemd te hebben. Mindhacking is het ‘rewiren’ van je brein, het anders aansluiten van bepaalde draadjes, waardoor je ongebruikt potentieel vrijmaakt en andere dingen kan bereiken. Doelen die je nooit had durven stellen omdat ze onrealistisch leken worden plots mogelijk. In essentie gaat het over jezelf ‘herkweken’ door elke keer als je nee denkt je te verplichten er een ‘ja’ van te maken. ‘Ik kan dat niet’ moet een ‘yes I can’ worden, en als je dat enkele tientallen keren kan doen dan wordt het een automatisme, dan zal er geen ‘neen’ meer in je opkomen. En dan worden dingen die vroeger onmogelijk leken plots wel mogelijk. Die dingen worden niet als bij toverslag mogelijk, maar lukken doordat je niet meer stopt met proberen na drie pogingen, maar blijft verder doen en blijft proberen tot het je lukt – al moet je 50 keer proberen.

Een ander onderwerp waar ik me al enkele jaren in verdiep is NLP: neuro linguistic programming. Het zit wat in dezelfde sfeer, het aanleren en overbrengen van bepaalde vaardigheden op andere mensen. Om dat te kunnen bewerkstelligen moet je natuurlijk eerst een vorm van ‘bewustwording’ bereiken. Je moet een soort van aha-Erlebnis meemaken alvorens je het allemaal in kaart kan beginnen brengen. Enerzijds helpen deze dingen om jezelf te trainen en om nieuwe dingen aan te leren waarvan je vroeger niet zou gedacht hebben dat je dat ooit zou kunnen. Anderzijds helpt het om beter te communiceren: als je beseft van jezelf hoe je op bepaalde dingen reageert, helpt dat om anderen te begrijpen. En als je anderen begrijpt, kan je hun gedrag beginnen ‘leiden’ (in bepaalde mate uiteraard). Je kan het gedrag van je collega’s beginnen beïnvloeden door je houding en je manier van communiceren te veranderen. We hebben allemaal al wel eens een collega horen “Ik weet niet wat ik verkeerd doe, maar…” zeggen – of erger, we hebben het zelf wel al eens gezegd. Als je zoiets zegt heb je de ‘bewustwordingsfase’ wellicht nog niet doorgemaakt. Als je in een situatie zit waarin het al een hele tijd niet klikt tussen jezelf en een collega (of iemand anders), probeer dan eens een andere aanpak. Kijk naar wat je doet, wat je zegt, je houding tegenover die persoon, en verander die. Het kan over subtiele wijzigingen gaan zoals je bovenlichaam of je voeten in de richting van je gesprekspartner draaien ipv weg van hem/haar, of je gesprekspartner in de ogen kijken tijdens een discussie, maar het kan een enorm verschil betekenen. Sommige mensen doen deze dingen automatisch, maar anderen hebben het simpelweg niet in zich’. Door die fase van bewustwording door te maken kan je beginnen aan een zelfanalyse, en beginnen sleutelen aan jezelf.

Anyway. Wat ik éigenlijk wou zeggen is dat ik altijd gedacht had dat een boek schrijven niets voor mij was, maar dat ik nu merk dat er meer en meer auteurs opstaan, mensen die enkele kortverhalen schrijven en in epub-vorm op het internet gooien, in veel gevallen zonder zich al te veel zorgen te maken over schrijf-, typ-, taal- en stijlfouten. Het is ook erg makkelijk geworden allemaal: vroeger moest je op zoek naar geld, want je had een uitgever nodig, aangezien het de bedoeling was je schrijfsels op papier te laten drukken moest het meteen allemaal juist zijn dus je had een eindredacteur nodig om het allemaal na te lezen, én dan had je ook nog een kanaal nodig langs waar je boeken zouden verkocht worden. Nu dat allemaal weggevallen is, kan iedereen die een pc heeft zichzelf tot auteur uitroepen. Bij deze roep ik mezelf uit tot auteur: ik heb een boek geschreven. Een dun boek, weliswaar, maar toch een boek. Ik zat al lang met het idee om eens op te schrijven wat me allemaal overkomen is de laatste jaren, en ik heb het nu eindelijk echt gedaan. Niet sec alle feiten opgenoemd, maar geprobeerd er een interessant verhaal van te maken dat ook leuk is voor mensen die me niet kennen – en ook mijn blog niet gelezen hebben in de periode toen het me allemaal overkwam (drie jaar geleden alweer). Nu nog een epub van maken en online gooien.En dan wachten tot ze er een weekendfilm van maken.

Wat ik zie gebeuren bij een paar van die amateurschrijvers is dat ze hun boeken eerst gratis aanbieden op Feedbooks. Als hun boeken een aantal keer gedownload zijn beginnen de eerste mensen hun gedacht ervan te zeggen: ze zetten een review over het boek online. Als die reviews positief zijn krijgt het boek momentum, en willen anderen het ook lezen. Zo kan er in relatief weinig tijd een hype ontstaan, en dàt is het ideale moment om de boeken niet meer gratis aan te bieden maar er een klein bedrag voor te vragen, 2 of 3 dollar bijvoorbeeld, iets wat mensen gemakkelijk betalen. Elke dollar/euro die betaald wordt is uiteindelijk winst, want er zitten geen editors en publishers tussen die betaald moeten worden en die er voor zorgen dat lezers 25 euro moeten betalen voor je boek. En who cares dat er dan een paar honderd man je boek gratis gelezen hebben? Het zijn wel die mensen die je momentum bezorgd hebben, dus je moet ze dankbaar zijn! Is dat geen onnoemelijk beter en rechtvaardiger systeem dan hoe het vroeger was (en nog altijd), de uitgever die met 85 % van de opbrengst aan de haal gaat en de schrijver zelf die het met wat kruimels moet stellen? De hele entertainmentindustrie kan er nog lessen uit trekken. Dat wild om zich heen slaan en torrentsites laten afsluiten (haha, afsluiten door de DNS records te laten wijzigen), het helpt niet. The future is now, niets aan te doen, het is de new world order. Get with the program.


Speech

Wat een drukke week, deze week. Ik geef na mijn uren een opleiding aan collega’s, in de gortdroge materie die ITIL heet. Er staan drie avonden van 17 tot 20u op de planning. Ik moet dus van hot naar her lopen, en proberen binnen de voorziene uurregeling te blijven want ik wil mijn dochter ook nog wel eens zien ’s avonds. Eergisteren was ik om 21u thuis van Brussel, een uur waarop je zou verwachten dat je kind van één jaar oud al lang slaapt. Toen ik de deur open deed werd ik echter verwelkomd door een schreeuw (iiiiiiiiiiiih!) van geluk toen ze me zag, gevolgd door het plets-plets-pletsen van haar handjes op de grond terwijl ze in sneltempo naar me toe kwam gekropen. Zulke dingen maken een zware en vooral lange dag helemaal beter. Van zogauw Allison bij mij aankwam wou ze natuurlijk wel meteen terug naar mama, dat spreekt. Papa is wel leuk om de clown mee uit te hangen, maar mama is toch de voorkeursouder, blijkbaar.

De opleiding gaat door in het Sheraton hotel in hartje Brussel. Toen ik aankwam en – in het Nederlands – vroeg waar ik moest zijn, bekeek de receptionist me alsof ik hem in het Swahili aansprak. ‘Sorry, don’t understand’ zei hij in vloeiend franglais. Ik herhaalde mijn vraag dus, in het Nederlands, uiteraard, want ik zat in het hart van een tweetalig (sorry, drietalig) land, en zag de receptionist ‘glazing over’. Hij staarde me aan alsof ik een roze mankini aan had en dat was voor mij het teken dat ik me toch maar beter kon aanpassen of dat ik anders helemaal nergens zou komen. Ik herhaalde de vraag in het Frans en werd doorverwezen naar een collega van hem. Een dame die wat verder aan een desk ongetwijfeld nuttige dingen stond te doen met papier en paperclips. Ik vroeg aan haar, in het Nederlands uiteraard, waar ik moest zijn en ik kreeg gvd alwéér in het rotslecht Engels te horen dat ze me niet begreep. Haar verklaring waarom ze geen Nederlands sprak (I asked, of course  I did) was ‘parce que je suis français’. Volledig aanvaardbare verklaring als het waar was, maar waarom ga je dan in een hotellobby in tweetalig Brussel werken?

What. The. Hell. Ik heb er geen probleem mee dat de man in de straat of op de metro geen Nederlands spreekt. Het kan me gewoon geen bal schelen wat die doet. Maar iemand met een job waar je voortdurend in contact komt met nederlandstaligen, dààrvan verwacht ik dat ze me in het Nederlands van antwoord kunnen dienen. Ik begrijp echt niet waarom dat zoveel gevraagd is. Al is het in gebroken Nederlands, en maken ze magistraal veel fouten, dan nog hebben ze mijn sympathie en respect. Maar dat flagrant weigeren om Nederlands te spreken is me er echt te veel aan. Ik geef Bart De Wever gelijk als hij boude uitspraken doet als ‘ze willen het gewoon niet leren’. Het is een uitspraak die voortkomt uit frustratie, en eigenlijk niet zou mogen gedaan worden door een politicus omdat ze meer in de sfeer van een café thuishoort – het is namelijk een grove veralgemening. Maar toch kom ik tot vergelijkbare conclusies na een wandelingetje door Brussel. Stap een restaurant binnen en je wordt enkel in het Frans bediend. Stap een winkel binnen en de verkoopsters zullen nooit vragen ‘kan ik u helpen?’ maar altijd ‘puis-je vous aider?’ Waarop ik dan antwoord: ‘ja, maar enkel in het Vlaams’. En dan druipen ze af en zijn ze een potentiële klant kwijt. Staat de manager van zo’n winkel daar dan niet bij stil als hij iemand aanneemt om te verkopen? Ik zie soms advertenties waarin ze expliciet om tweetalige verkopers vragen, maar als je de winkel in kwestie binnen stapt word je gegarandeerd enkel en français aangesproken. Serieus: what the fck?

Afgezien daarvan was het tot nu toe een goeie training: 15 mensen in de zaal! Ik vind het best aangenaam te ontdekken dat ik nog kan bogen op mijn ervaring van vroegere jaren, toen ik heel regelmatig opleidingen gaf aan klanten. Het is de derde keer in twee jaar tijd dat ik dit doe en ik heb me deze keer helemaal niet meer moeten voorbereiden zoals de eerste keer, ik beheers de materie. Nice, very nice. Geen stress meer voor ik de zaal in stap. Het is ooit anders geweest. Hmm, misschien is er toch een leraar aan mij verloren gegaan? Naaah, als ik denk aan al die etters in het middelbaar onderwijs weet ik meteen dat het niets voor mij zou zijn. Een opleiding geven aan volwassenen, die zelf gekozen hebben om te komen luisteren en de materie willen leren, dat is toch een heel andere wereld dan de lagere of middelbare school…